Crumble van stoofpeertjes

crumble van stoofperen

Laatst kwam mijn man thuis uit zijn werk met een zak stoofperen. Nee, hij werkt niet in de tuinbouw ofzo. Een collega van hem heeft blijkbaar nogal wat perenbomen in haar tuin staan. En hier kwamen nu heel veel peren van af. “Daar moet jouw vrouw wel wat mee kunnen!” had ze gezegd. Eeeh, ja, okee. Natuurlijk! Komt ‘ie: crumble van stoofpeertjes.

Nu lijk ik voor sommige mensen misschien een kookgoeroe, dat ben ik absoluut niet. Of, beter gezegd, dat wás ik niet. Maar inmiddels heb ik mezelf een hoop skills aangeleerd. Stoofpeertjes had ik me echter nog nooit aan gewaagd. Ja, natuurlijk eet ik ze graag, maar meestal met Kerst en dan uit zo’n bakje van de Appie (ik weet het, ik ben een barbaar).

Druivensap

Een oproepje op Instagram bracht een tip op van Eef Kookt Zo. Zij heeft een recept voor stoofpeertjes met bessensap en een recept voor stoofperencrumble. Nou mooi! Niet dat ik tegen wijn ben (is regulier bij stoofperen), maar ik drink het eigenlijk nooit en heb het dus ook niet in huis. En om nu een hele fles te kopen voor een paar stoofpeertjes… Dus werd het bessensap. Of, nou ja, druivensap eigenlijk, iets met chaos en boodschappen…

In ieder gerecht voor stoofperen wordt gebruik gemaakt van suiker. Zo ook in het recept dat ik volgde. Witte basterdsuiker welteverstaan. En jullie weten dat ik niet meer zo van de geraffineerde suikers ben. Ik zoek eigenlijk altijd een vervanger. Maar dit keer niet. Voor mijn gevoel wordt een stoofperengerecht niet hetzelfde als je geen suiker gebruikt. Soms kun je er niet omheen. En is dat erg? Eet je iedere dag stoofperen? Nee. Zoals ik vaker orakel: eet bewust en geniet met mate. Dan kan er best eens iets met geraffineerde suiker gegeten worden.

Daarbij, je gebruikt het stoofvocht niet dus niet alle suiker die je hierin verwerkt komt uiteindelijk in de crumble.

Lekker zoet

Goed, druivensap, suiker… Nu alleen nog de specerijen. Ik koos, net als het originele recept, voor een kaneelstokje en steranijs. Even twijfelde ik of ik er nog laurier en/of kruidnagel bij zou doen, maar daar zag ik toch van af. Ik wilde er echt een zoet toetje van maken. Dus, alle ingrediënten waren er, het stoven kon beginnen.

De peertjes die mijn man had gekregen waren duidelijk van de soort St. Rémy. Perfect om te stoven. Echter wordt vaak afgeraden deze in zijn geheel te stoven, dus met klokhuis en steeltje. Kan wel met de Gieser Wildeman, dus neem die als je de peertjes heel wilt laten. Omdat ik er toch crumble van ging maken kon het prima in stukken.

Perfect voor luiwammessen

Omdat ik geen zin had een trappetje te pakken om onze braadpan uit het vet te halen, gebruikte ik een hapjespan. Water en sap in de pan, suiker erdoor roeren, peertjes erbij en een steranijs en kaneelstokje. Even aan de kook brengen en dan op laag vuur laten pruttelen. That’s it. Wat het stoven betreft dan. Maar de reden dat ik nooit zelf stoofpeertjes maakte was omdat ik dacht dat het megaveel werk zou zijn. Is niet. Ja, het duurt lang. Maar zolang het prutje op het vuur staat, hoef je er zelf niks aan te doen. Eigenlijk een perfect recept voor een luiwammes als ik!

En die crumble is ook zo gemaakt, de oven doet het meeste werk. Dat de crumble zó lekker is dat je het binnen vijf minuten naar binnen snaait is helaas niks aan te doen. Vijf minuten genieten, ik heb het er voor over!

Wat gaat erin (2-3 pers.):

Stoofperen:

  • circa 6 stoofperen
  • 150 ml water
  • 150 ml druivensap
  • 75 gram witte basterdsuiker
  • 1 steranijs
  • 1 kaneelstokje

Crumble:

  • 50 gram havermeel
  • 50 gram amandelmeel
  • 25 gram roomboter
  • 1 theelepel kaneel

Hoe maak je het:

Schil de peren, snijd ze in kwarten en verwijder de klokhuizen. Doe in een pan (met dikke bodem) het water en sap. Roer hier de suiker doorheen. Voeg de peren en de specerijen toe. Zodra het vocht kookt zet je het vuur laag en laat je de peren circa 1 tot 1,5 uur zachtjes stoven. Gebruik je hele peertjes, houd dan circa 2 uur aan. Als ze zacht gestoofd zijn haal je de peertjes uit de pan met een schuimspaan. Laat ze goed uitlekken en snijd eventueel nog in kleinere stukken.

Verwarm de oven voor op 180 graden. Gebruik een klein ovenschaaltje of twee ramekins. Meng het havermeel met het amandelmeel en de kaneel. Smelt de boter in een pannetje of de magnetron en voeg het meel toe. Roer met een lepel door tot je een kruimeldeegje krijgt. Vul de ovenschaal(tjes) met de peertjes en verdeel daar de crumble overheen. Bak in circa 15 minuten goudbruin.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.